highrisehighspot

slogan_wit

De Rotterdam Science Tower combineert onderwijs, kantoorruimte en laboratoria van hoge kwaliteit. Dé plek voor grote bedrijven met een internationaal en biomedisch wetenschappelijk profiel.

LABORATORIA ML1, ML2, ML3

Voor de Rotterdam Science Tower is conform de Regeling Genetisch Gemodificeerde Organismen vergunning verleend voor het huisvesten van laboratoria met de inperkingsniveau´s ML-I en ML-II. Voor een huurder op de 20e etage is tevens een ML-III vergunning verleend.


TECHNISCHE SPECIFICATIES


CENTRALE INSTALLATIES LABORATORIUM

Om alle voorzieningen in het laboratoria optimaal te kunnen gebruiken is in het gebouw een aparte luchtbehandelingsinstallatie, waterbehandelingsinstallatie, persluchtinstallatie, stoom ketels en koelmachine geplaatst die onafhankelijk functioneert van de reeds aanwezige installatie. Het gekozen ontwerp van de installaties heeft ervoor gezorgd dat de laboratoriumruimte ingedeeld kan worden per stramien van 3,6m x 7,2m, hiermee is een optimale flexibiliteit bij de inrichting en indeling van het laboratoria voor handen.

LOKALE INSTALLATIES

Op de laboratoriumverdiepingen is het mogelijk om per ruimte van 3,6 x 7,2m te beschikken over de volgende voorzieningen:

  • Aansluitpunten: binnenriolering, bedrijfswater, demi-water, aardgas, perslucht, koolzuurgas, data en telefonie
  • Installaties: Sprinklerinstallatie, Klimaatinstallatie met thermostaat, Brandmeldinstallatie, Ontruimingsinstallatie, Laagspanningsinstallatie, [Nood] verlichtingsinstallatie, voorbehandelde ventilatielucht, afzuigpunt voor zuurkastTevens zijn specifieke huurderswensen als inbraakdetectie, toegangscontrole, glasvezel verbindingen en no-break (UPS) installaties toepasbaar


SPECIFICATIES


Bedrijfswater

Vanuit de overheid is vastgesteld dat water wat mogelijk (chemisch/ biologisch) verontreinigd is niet in aanraking mag komen met drinkwater. Dat houdt in dat in laboratoria geen drinkwater gebruikt mag worden met uitzondering van nooddouches. Om aan deze eis te voldoen is er een bedrijfswaternet aangebracht. Dit bedrijfswaternet wordt gevoed en gescheiden van het drinkwaternet middels een breektank. Per stramien is een wateraansluiting aanwezig met voldoende capaciteit voor een wastafelkraan. Daarnaast is er voldoende capaciteit in het waternet aanwezig om per halve verdieping een autoclaaf aan te sluiten. Voor de opwekking van warm water worden lokale boilers toegepast in het laboratoriummeubilair.

Ventilatie- en luchtbehandelingsinstallaties

Voor de laboratoria is een luchtbehandelingsinstallatie met warmteterugwinning, koeling en stoombevochtiging op de 21e verdieping geplaatst. Met deze installatie kunnen de laboratoria verdiepingen 5-voudig worden geventileerd. De afzuigkanalen zijn voorzien van een inwendige, corrosiewerende coating. Dit maakt het afzuigsysteem geschikt voor licht chemisch gebruik zoals dat het geval is bij biotechnologie en life science werkzaamheden. Voor eventuele zuurkastafzuigten behoeve van zwaarder chemisch gebruik, kan een additioneel afzuigsysteem in de schachten worden aangebracht. Per stramien wordt een aansluiting voor zowel toevoer- als afzuiglucht aangebracht, voorzien v an constant volume-boxen. Door de 5-voudige ventilatievoud kan per stramien van 7,2 x 7,2m een zuurkast met een capaciteit van maximaal 700 m3/h op het centrale afzuigsysteem worden aangesloten.

Drinkwater installaties

In de laboratoria zijn er geen aansluitvoorzieningen voor drinkwater opgenomen. Wel kunnen er op de gangen nooddouches of pantry’s worden aangesloten op het bestaande drinkwaternet van het gebouw.

Sanitair

In de kern zijn centrale sanitaire voorzieningen opgenomen. Een toiletruimte heren, dames en een werkkast zijn aanwezig in de kern.

Brandbestrijdingsinstallaties

In het gebouw is een sprinklerinstallatie aanwezig. Als extra voorziening zijn er per bouwlaag vier brandslanghaspels aangebracht in de gangzone.

Aardgasinstallatie

De aardgasinstallatie is zodanig uitgelegd dat er per stramien de mogelijkheid bestaat een 2-tal bunsenbranders aan te sluiten. Elke aftakking is voorzien van een beveiligingsklep in de gangzone. De aardgasinstallatie voor de laboratoria is uitgelegd op 25mbar.

Koolzuurgasinstallatie

Op de verdiepingen is in de kernen ruimte gereserveerd voor een flessenkast voor koolzuurgas. Vanuit deze kast kan een leidingnet naar de laboratoria worden gerealiseerd, waarbij per stramien een afsluitbaar tappunt wordt aangebracht.

Persluchtinstallaties

De centrale persluchtinstallatie is uitgevoerd met droger, olieafscheider en toerengeregelde compressoren. Vanaf deze installatie is een 6 bar persluchtnet naar de verdiepingen gerealiseerd, waarbij per stramien een afsluitbaar aansluitpunt kan worden aangebracht.

Demi-waterinstallatie

Ten behoeve van de laboratoria is er een demi-waterinstallatie aangebracht, voorzien van een afsluitbare tappunten per stramien. Dit tappunt kan direct worden gebruikt als demi-water, maar kan ook dienen als toevoerwater voor een door de gebruiker aan te brengen ultra puur water (upw) installatie. Het demi-waternet wordt op de verdiepingen als ringleiding uitgevoerd met ABS leidingwerk. In de demi-waterinstallatie zijn een ionen wisselaar en een UV- en bacteriefilter opgenomen om te voorkomen dat er verontreiniging vanuit het net de waterkwaliteit beïnvloed.

Klimaatinstallaties

De verwarming en koeling van de laboratoria zal plaats vinden middels een ‘all-air systeem’. Ruimteverwarming wordt daarbij gerealiseerd door circulatie van warme lucht, waardoor er geen verwarmingslichaam in de ruimte benodigd is. Om ’s winters ongewenste koudeval en koudestraling van de gevel te beperken zijn er voorzetramen aangebracht. De ruimtes worden verwarmd en gekoeld door een fancoil-unit boven het verlaagd plafond, waarmee warme of koude lucht via plafondroosters wordt ingeblazen. Per ruimte kan de gewenste ruimtetemperatuur met behulp van een individuele regeling worden ingesteld. Met de klimaatinstallatie kan in de labs aan de gevel tot maximaal 100W/m2 interne warmtelast worden weggekoeld en in de labs aan de kern tot maximaal 200W/m2.

Regeltechnische installaties

De digitale thermostaten maken het mogelijk om per ruimte de gewenste temperatuur in te stellen. Zowel de thermostaten als de centrale apparatuur zijn aangesloten op een gebouw-beheer-systeem, waarmee de ruimtetemperaturen en storingsmelding van de apparatuur continu bewaakt en beheerd kunnen worden.


TECHNISCHE OMSCHRIJVING ELEKTROTECHNISCHE INSTALLATIES


Energievoorziening

Inpandige hoogspanning- en middenspanning installatie, aangesloten op eigen laagspanningstransformatoren. Hoofdverdeelbord, verdeeld over meerdere trafovelden en inkoppeling van een noodsegment, gevoed door een 300 kVA noodstroomaggregaat (inpandig opgesteld nabij de hoofdverdeelinrichtingen).

Energiedistributie

Laagspanningsinstallatie (preferent en niet preferent), per etage een algemene etage verdeler welke het niet preferente deel van een etage voed, alsmede een noodverdeler welke de preferente voedingen verzorgd. Per lab cluster een op net en nood aangesloten labverdeler waaruit de lab installaties van spanning worden voorzien.

Kanalisatie

Gescheiden kanalisatie (door middel van metalen scheidingsschotten van laagspanning- en zwakstroom bekabeling ten behoeve van de algemene en specifieke installaties. Wandgoten zijn voor de kantoren toegepast (aan de gevel) voor verlegging van de elektra en data installatie.

Brandmeldinstallatie

Op basis van volledige bewakingsomvang (laboratoria) conform NEN 2535. De brandmeldinstallatie is gekoppeld aan de sprinkler meld centrale.

Ontruimingsinstallatie

Klasse A installatie (separate ontruimingsinstallatie) welke gekoppeld is met de brandmeldinstallatie. Ontruiming conform NEN 2575.

Data installatie

Hoogwaardige CAT6A installatie op basis van U/UTP.

Telefonie installatie

Kopie IS/RA per halve etage tot in de SER ruimte.

Noodverlichtingsinstallatie

Decentrale noodverlichtingsarmaturen en transparant vluchtwegsignaleringsarmaturen, aangesloten op de lichtinstallatie. Nood oriëntatie verlichting in de lab ruimten is opgenomen in het verlichtingsplan.

Verlichtingsinstallatie

Afgeschermde verlichtingsarmaturen (centrale en lokale bediening) ten behoeve van de lab ruimten, voorzien van High Efficiency T5 lichtbronnen en hoogfrequent voorschakelapparatuur. Inbouwspots in het verkeersgebied (lokale bediening per halve etage), inbouwspots in de lifthal (centrale bediening), inbouwspots in de toiletruimten (lokale bediening door middel van bewegingsdetectoren) en inbouwspots in de dienstruimten (lokale bediening), allen voorzien van PL lichtbronnen en hoogfrequent voorschakelapparatuur.

Schakel- en verdeelinrichtingen

Een stuks etageverdeler per etage, gesplitst in twee segmenten (per halve etage), voorzien van 55 groepen. Noodverdeler (preferent) per etage, voorzien van ten minste 24 groepen (voedingen preferente secties van de lab verdelers en overige preferentie). Gebouw gebonden lichtverdeler ten behoeve van de kerninstallatie (bediening vanaf de receptie). Overspanningsbeveiliging in hoofd- en subverdelers.

Aarding- en vereffening

Aardingsinstallatie en potentiaalvereffening conform NEN 1010.

Banners_residents8

HIGHSPOT of EUROPE SCIENCE, INNOVATION AND ENTREPRENEURING

Wij zijn trots op onze partners. Onze partners zijn trots op ons.partners